De mondiale hoeveelheid zoetwater staat vast. Doordat de wereldbevolking groeit – en rijker wordt – neemt de vraag naar water toe. Met de voedselproductie als koploper: 70 procent van het mondiale watergebruik is bestemd om gewassen te verbouwen en vlees te produceren.
Goed waterbeheer wordt steeds belangrijker. De groei van de wereldbevolking leidt tot verstedelijking, voedselschaarste, uitputting van natuurlijke hulpbronnen en bodemdaling. Die druk wordt het sterkst gevoeld in de dichtbevolkte, vruchtbare deltagebieden. Nederland ziet bij de aanpak van mondiale waterproblemen een bijzondere rol voor zichzelf weggelegd. Het wil de Water Valley van de wereld worden. Ook bij ontwikkelingssamenwerking mogen de belangen van ons eigen bedrijfsleven duidelijker dan voorheen een rol spelen. De link met de sterke land- en tuinbouwsector wordt nadrukkelijk gelegd.
Bij de export van onze waterkennis naar zich ontwikkelende landen moet de focus liggen op armoedebestrijding en duurzaamheid, zo wordt benadrukt. Publiekprivate partnerschappen worden aangemoedigd, bedrijfsleven en ngo’s zouden meer samen moeten optrekken. Gaat dat lukken, of zal uiteindelijk toch het eigenbelang overheersen? Het aanbod of de vraag, waar draait het om? Het is nog te vroeg om die vragen te beantwoorden. Des te belangrijker is het de vinger aan de pols te houden. De extra aandacht voor de mondiale waterproblematiek is toe te juichen. Wij ondersteunen die met goed ingevoerde en kritische informatievoorziening.


